Robert Wyatt on stage
Londen, 14 oktober, 18.00 uur. De klokken van Westminster Abbey: Westminster Abbey
Londen, 15 oktober 2007, 19.30 uur. An evening chat with Robert Wyatt, zo stond het aangekondigd op de site van Southbank. Wyatt die een “evening chat” doet? Een publiek interview? Via via hadden we al gehoord dat de promotie-activiteiten voor zijn lovend ontvangen nieuwe CD Comicopera hem de afgelopen weken behoorlijk hebben afgemat. Geen wonder ook. Wyatt is de 60 ruim gepasseerd, hij zit in een rolstoel sinds die ongelukkige val uit een raam, vijf-en-dertig jaar geleden. En om nou te zeggen dat hij er een gezonde levensstijl op na gehouden heeft – nee. Ondanks de permanente zorg en aandacht van zijn levensgezellin, muse en creatieve partner Alfreda Benge. Alfie, die sinds jaar en dag de hoezen van zijn platen en CD’s illustreert, die al sinds zijn eerste soloplaten herkenbaar bezongen wordt, en van wie op het nieuwe album ook teksten te vinden zijn.

Een van de songs op Comicopera werpt een onverbloemd en bijna pijnlijk eerlijk licht op die ongezonde levensstijl. In Just as you are, gezongen door Monica Vasconcelos en Robert Wyatt: “It’s that look in your eyes, I know you despise me, for not being stronger.” Volkomen openhartig spreekt Wyatt over zijn gewoonte om ook overdag te drinken, terwijl hij tegenover Alfie volhield dat hij alleen ’s avonds dronk. En dat, zo vertelt Wyatt in de Purcell Room aan de pakweg 250 aanwezige fans en bewonderaars, leidde tot een moeilijke confrontatie, een confrontatie die te maken had met “conditional” en “unconditional love” – een clash ook waar ze samen sterker uit zijn gekomen.
En wat het drinken betreft: Wyatt is er mee gestopt. En tot nu gaat het goed, “fingers crossed”. Of het invloed heeft op zijn schrijven, op zijn muziek? Wyatt kan het nog niet zeggen – het stoppen met drinken viel samen met de afronding van Comicopera…
Wyatt op het toneel, een beetje wiebelend en draaiend met zijn rolstoel, een tikje nerveus. Duidelijk verlegen met het donderend welkomstapplaus als hij het vanachter het gordijn het podium oprolt, direct na de twee journalisten die hem gaan interviewen: Sean O’Hagan, gepokt en gemazeld in de popjournalistiek – hij schrijft al sinds de vroege jaren ‘80 -, en Frances Morgan, jong en misschien nog niet zo ervaren. Wyatt had haar speciaal gevraagd omdat ze op hem zo’n goede indruk had gemaakt met haar interview voor het Plan B Magazine, een Engels muziektijdschrift.
Sean en Frances vragen – natuurlijk – vooral naar het nieuwe album, naar de manier van werken, naar het waarom van drie delen, en naar de achtergronden van de verschillende nummers. Zoals naar die van Out of the blue waarvoor Alfie de tekst schreef. Een tekst die er niet om liegt: “Something unbelievable has happened to the floor. The upper storey’s out of reach, the stair’s no longer there.”
Wyatt roept om bevestiging van Alfie, die ergens achterin de zaal zit, en die na enig aandringen toelicht hoe ze gegrepen werd door de beelden van een bombardement in Libanon. Zo’n bombardement waardoor je je gaat afvragen, aldus Wyatt, wat nu eigenlijk het verschil is tussen een suicide bomber en een oorlogspiloot – het bombarderen is altijd even verschrikkelijk en verwerpelijk. Stel je voor, je huis, zonder dak, maandenlang. De muziek was er al, en toen Alfie met deze tekst kwam viel het nummer vanzelf op zijn plek, aldus Wyatt. Makkelijk was het niet. De tekst eindigt met zoiets als: jij hebt mijn huis gebombardeerd, en nu kan ik niet anders dan je eeuwig blijven haten: “For reasons beyond all understanding, you’ve blown my house apart. You’ve set me free (to let you know you’ve planted everlasting hatred in my heart). You’ve planted your everlasting hatred in my heart.”
Wyatt: en “hate” is een woord dat heel moeilijk is om te zingen. Het woord “haat”… moeilijk om te zingen.
Robert Wyatt is altijd politiek heel bewust en uitgesproken geweest. Met het hart overduidelijk aan de linkerzijde, en niet alleen in de jaren dat hij lid was van de Communistische Partij. Links, en, zoals hij maandag zei: pacifistisch. Geweld lost niets op, zo betoogt Wyatt – het lokt alleen maar weer tegengeweld uit. Van wie dat geweld ook komt – want “al ben ik pacifist, ik wil natuurlijk ook niet het slachtoffer worden van een zelfmoordaanslag in een winkelcentrum”.
Wyatt werkt graag in een één-op-één situatie samen met andere muzikanten. Met Paul Weller bijvoorbeeld, die hij uitgebreid prijst vanwege zijn heldere en consequente politieke en maatschappelijke stellingname. Paul Weller speelde ook op eerdere CD’s van Wyatt mee, en zonder zijn opvattingen over maatschappelijke onderwerpen onder stoelen of banken te steken… Heel kritisch over de onderwerpen en de teksten en over de vraag of het niet eigenlijk veel meer over de “workers” zou moeten gaan – maar uiteindelijk wel garant voor prachtig gitaarwerk. En altijd sharply dressed – het wordt met een brede grijns opgemerkt door de immer, laten we zeggen: informeel geklede Wyatt.
Er komt een vraag over Jimi Hendrix, met wie Wyatt veertig jaar geleden samen op het podium stond. Hendrix was de “grown up” in een hele club jongetjes – hij was ook trouwens echt ouder dan de publicity machine naar buiten bracht. Uiterst beleefd en voorkomend, en met een oprechte belangstelling voor die wilde jongens uit Engeland. Met plaatsvervangende schaamte toen journalisten – tijdens de slopende tournee door de Verenigde Staten, in 1967 – alleen maar belangstelling voor Hendrix hadden en de leden van Soft Machine domweg links lieten liggen.
En er is die herinnering aan dat moment, dat achteraf zo embarrassing is. “Ik wou dat Hendrix nog vijf minuten back to life zou kunnen komen”, aldus Wyatt, “om me van deze beschamende herinnering af te helpen.” Na afloop van de tournee nodigde Hendrix Wyatt uit in zijn luxueuze appartement in Los Angeles, van het soort waar zwembaden bij horen. Op een middag zit Wyatt wat te proberen op een gitaar, een riffje, een paar akkoorden, een melodietje, iets wat uiteindelijk terecht zal komen in Moon in June. Hendrix hoort wat hij doet en hij doet Robert een tip aan de hand om dat riffje of die akkoorden veel makkelijker en handiger te spelen… “unless of course you really want to do it that way”. Waarop Wyatt, gezegend met de naïeve eigenwijsheid van de jeugd, gauw zegt: “Yes, yes, I really wanted to do it that way.”
Met schaamrood op de kaken dat langzamerhand heeft plaatsgemaakt voor de vrijheid om luidop te kunnen lachen over zijn eigen onbezonnenheid van veertig jaar geleden – wie zou een spontaan aangeboden gitaarles van notabene Jimi Hendrix zó durven afslaan – verbergt Wyatt heel even zijn hoofd achter een hand. Het is typerend, die zelfrelativering.
Net als in een van de schijnbaar kleine details die hij onthult, al pratend, over zijn manier van werken. Dat hij heel vaak een geluidje, en stukje melodie, een themaatje bedenkt, en dat zoiets dan soms jaren kan blijven liggen tot zich het moment aandient waarop het gebruikt kan worden. Hoe hij in plaats van een snare drum een leeg koekblik gebruikt, omdat dat blik toevallig precies het goede geluid heeft, precies de klank die het moest wezen.
En net als in Wyatt’s opmerking dat de indeling van de CD in drie delen van ongeveer twintig minuten, ook te maken heeft met zijn, naar hij zelf zegt: beperkte vermogen om muziek te onthouden, niet meer dan twintig minuten. Twintig minuten is te bevatten, “dat kan je ongeveer in je hoofd houden – dat kan ìk in mijn hoofd vasthouden.”
Als na een uurtje ook vragen uit het publiek kunnen worden gesteld, is wel te verwachten dat iemand de – natuurlijk: onbedwingbare! – vraag zou stellen of er nog iets in het vat zit wat live optreden betreft, bijvoorbeeld zoals vorig jaar met David Gilmour. Maar dat zit er niet in. Daar is Wyatt zeer uitgesproken in. De zenuwen, de spanning. Voor dat optreden met Gilmour – opgenomen voor BBC televisie, waarin Wyatt niet alleen zou zingen maar ook trompet zou spelen, was Wyatt naar eigen zeggen zo zenuwachtig dat zijn hand onbeheersbaar trilde als een espenblad, en zijn trompet plotseling klonk als het vibrerende kopergeluid van een zalvend Leger des Heils-orkest… “Ook prachtig, maar helemaal niet wat ik bedoelde”, aldus Wyatt.
Later stelt iemand dezelfde vraag nog eens, in iets andere bewoordingen. Daarop maakt Wyatt het antwoord nog wat definitiever: “As far as live performing is concerned, just consider me being dead”. Dan is het verschijnen van deze nieuwe CD ook nog eens een keer een klein wonder, aldus Wyatt, die zijn gevoel voor humor geen moment verliest.
Het wordt later dan de organisatie had voorzien. Het wordt tijd om te stoppen. Ovationeel applaus. Wyatt verdwijnt achter het gordijn, met Sean, Frances, wat vrienden, mensen van de Purcell Room. Het publiek loopt langzaam weg, maar niet iedereen. Een hartstochtelijk fan uit Frankrijk had al gevraagd of-ie op de foto mocht, met Wyatt samen. Natuurlijk mocht dat. Wyatt vindt het allemaal prima. Er blijven twintig, dertig, veertig mensen in de zaal, platen en CD’s en boeken in de hand – voor een handtekening natuurlijk! En wie zijn wij, van de VPRO, om daar niet ook heel verguld mee te zijn…
En dan hoort het er op een of andere manier ook bij dat halverwege de handtekeningensessie een strenge mevrouw van de Purcell Room komt zeggen dat de zaal leeg moet… “Dan gaan we buiten verder!” roept Wyatt. Iedereen naar buiten, wachten bij de artiesteningang. Waar het wel even duurt… tot we te horen krijgen van een vriendelijke juffrouw dat Robert vast zat in de lift. Oei. Hij komt er weer uit, maar moet via een omweg, door de foyer, naar een andere uitgang. Iedereen daar weer heen, en zo wordt het nog, op een bijna onthutsend alledaagse manier, gezellig. Robert op de foto met zijn Franse fan, met een Engelse fan, en voor iedereen een hartelijk woord en een brede grijns…
(Met dank aan Jim G, Wyatt-liefhebber en actief op deze fansite, voor het beschikbaar stellen van de foto!)



2 reacties
Mooi verslag! Het is om jaloers op te worden, dat je echt een handtekening gescored hebt. Hety lijkt me zo’n mooi mens. En ach dat drinken, ik denk dat hij ook wel eens een filter nodig heeft, vanwege zijn enorme gevoeligheid. Ik herken ook hierin veel, heb dit ook gehad.Weet inmiddels ook dat het niet echt helpt. Maar genieen zijn vaak verslavingsgevoelig.
Wat zegt dat over mij?
Groetjes Gusta
[...] oktober vorig jaar publiceerden we op deze plaats elders op deze site onderstaand verslag van An evening chat with Robert Wyatt, zoals de avond stond het aangekondigd op [...]